Overslaan naar inhoud

Moeten we dan maar helicopterouder worden?

Over honden, controle en een land dat weinig ruimte laat
22 februari 2026 in
Moeten we dan maar helicopterouder worden?
Liz Wolting
Moeten we dan maar helicopterouder worden?
Over honden, controle en een land dat weinig ruimte laat

Er is iets geks aan de hand.

We weten het allemaal. Echt, allemaal.

Helicopteren over je hond - elk stapje controleren, elke blik managen, elke keuze sturen - is niet goed.

Niet voor je hond, niet voor jullie relatie, en eerlijk gezegd ook niet voor je eigen zenuwstelsel.

En toch… doen we het.

Of beter gezegd: we worden er langzaam maar zeker toe gedwongen.

Welkom in Nederland.


Een land vol verwachtingen

Een wandeling met je hond zou simpel moeten zijn.

Lopen.

Snuffelen.

Kijken.

Ademen.

Maar in Nederland is wandelen zelden alleen wandelen.

Je hond moet:

  • sociaal zijn, maar niet te enthousiast

  • luisteren, maar ook ontspannen zijn

  • andere honden negeren, tenzij spelen gewenst is

  • geen spanning op de lijn hebben

  • direct komen als je roept

  • niet jagen

  • niet te veel snuffelen

  • niet te ver weg gaan

  • en vooral: niemand tot last zijn

En dat alles… het liefst tegelijkertijd.

Iedereen die je tegenkomt, heeft — bewust of onbewust — een verwachting.

En die verwachtingen spreken elkaar vaak compleet tegen.

De één roept: “Waarom loopt je hond niet gewoon los?”

De ander moppert: “Kun je je hond even bij je houden?”

De één vindt dat honden moeten spelen.

De ander wil juist rust en afstand.

En jij?

Jij staat ertussen. Met je hond.

En met een hoofd dat overuren draait.


De geboorte van de helicopterouder

Want wat gebeurt er als je continu het gevoel hebt dat het elk moment “mis” kan gaan?

Dan ga je managen.

Je roept je hond eerder terug.

Je corrigeert sneller.

Je voorkomt situaties nog voordat ze ontstaan.

Je houdt alles — maar dan ook echt alles — in de gaten.

Niet omdat je dat wilt.

Maar omdat het voelt alsof het moet.

En voor je het weet, ben je het geworden:

een helicopterouder.

Niet vanuit controlezucht.

Maar vanuit druk.


De vermoeidheid die niemand ziet

Wat mensen vaak niet begrijpen, is hoe intens vermoeiend dit is.

Wandelen wordt geen ontspanning meer.

Het wordt een taak. Een verantwoordelijkheid.

Een soort sociale toets die je continu moet halen.

Je bent niet meer aan het genieten van je hond.

Je bent aan het voorkomen.

Voorkomen dat hij te ver weg gaat.

Voorkomen dat hij iets “verkeerds” doet.

Voorkomen dat iemand er iets van vindt.

En dus scan je constant:

Waar komen mensen vandaan?

Zie ik al een hond aankomen?

Hoe reageert mijn hond?

Moet ik hem roepen?

Nog een keer roepen?

Nog een keer…?

Tien. Twintig keer per wandeling.

En ja - herhaling zonder noodzaak creëert irritatie.

Bij jou. Maar ook bij je hond.


Wat dit doet met je hond

Hier wordt het interessant.

En eerlijk gezegd ook een beetje pijnlijk.

Want terwijl wij denken dat we “goed bezig” zijn - door alles te controleren - gebeurt er onder de oppervlakte iets anders.

Een hond die nooit fouten mag maken…

leert niet.

Een hond die geen eigen keuzes mag maken…

ontwikkelt geen zelfvertrouwen.

Een hond die continu wordt teruggefloten…

gaat minder zelf nadenken.

Want leren = proberen + fouten maken + bijsturen.

Net als bij mensen.

Maar we zijn een samenleving geworden waarin fouten bij honden nauwelijks nog toegestaan zijn.

En dus creëren we honden die:

  • onzeker worden

  • afhankelijk worden

  • minder initiatief tonen

  • sneller spanning opbouwen

Niet omdat ze “lastig” zijn.

Maar omdat ze geen ruimte krijgen om te leren.


Mijn eigen honden als spiegel

Met vijf honden zie ik dit effect haarscherp.

Als we langere tijd in Nederland zijn, zie ik hun zelfvertrouwen afnemen.

Niet dramatisch. Niet ineens.

Maar subtiel.

Minder initiatief.

Meer checken.

Sneller terugvallen op mij.

En ik voel het ook bij mezelf.

Mijn stressniveau stijgt.

Ik word alerter. Strakker. Minder ontspannen.

Want ik weet:

één moment van “niet opletten”

en er gebeurt iets waar iemand iets van vindt.

En dus hou ik ze in de gaten.

Alle vijf.

Met haviksogen.

Niet omdat ik dat wil.

Maar omdat het systeem het van me vraagt.


En dan de grote vraag…

Moeten we dit dan maar accepteren?

Moeten we dan maar allemaal helicopterouders worden?

Nee.

Maar we mogen wél erkennen hoe lastig dit is.


Misschien ligt de oplossing niet in meer controle

Misschien ligt de oplossing niet in nóg beter trainen.

Niet in nóg meer gehoorzaamheid.

Niet in nóg strakker management.

Maar in iets anders.

In mildheid.

Voor jezelf.

Voor je hond.

En - misschien wel het moeilijkst - voor elkaar.

Want stel je voor dat we:

  • iets minder snel oordelen

  • iets meer ruimte laten voor “niet perfect”

  • begrijpen dat leren tijd kost

  • accepteren dat honden honden zijn

Dan ontstaat er ruimte.

Ruimte voor ontwikkeling.

Ruimte voor fouten.

Ruimte voor adem.


Tot slot

Misschien is de realiteit dat Nederland nooit een volledig “loslaat-land” wordt.

Maar dat betekent niet dat we moeten blijven hangen in controle en angst.

We mogen zoeken naar balans.

Tussen begeleiden en loslaten.

Tussen veiligheid en vrijheid.

Tussen verwachtingen en realiteit.

En misschien… heel misschien…

mogen we af en toe gewoon even denken:

Laat hem maar even hond zijn.

Zelfs in Nederland.

Rhodesian Ridgebacks – Thibaud & Benoît